piano

Toen mijn oma in 1973 overleed kreeg ik wat geld, waarvoor ik een piano kocht. Ik zat op het conservatorium voor zang en kon op die manier goed de toonladders zingen, die ik uren per dag moest oefenen. Wat vond ik dat vervelend. Ik hield dan ook op met deze studie en ging aan de UVA musicologie studeren. Zeer interessant. Ik ging kleine pianostukjes maken, die ik niet opschreef, maar onthield. Door allerlei ontwikkelingen in mijn familie en de ontmoeting met een interessante kunstenaar, besloot ik in 1979 met hem naar Parijs te gaan. Ik deed mijn piano weg en vertrok voorgoed, dacht ik.

In Parijs kon ik niet actief bezig zijn met muziek, maar ik las regelmatig. Met name esoterische beschouwingen , de theorie van Plato en het mathematische aspect van muziek boeide mij. Ik las verschillende partituren van liederen van Bach. Af en toe kwam er een muziekstukje in mijn hoofd op, dat ik in Amsterdam had gespeeld.

Toen ik na vele belevenissen weer terug kwam in Nederland in 1995 werd het verlangen naar een piano weer groot en vond ik een verhuurder, die mij er een voor een schappelijk prijsje kon leveren. Weer begon ik kleine stukjes te maken. Op een gegeven ogenblik, kon ik ze niet meer onthouden. Ook hoorde ik steeds orkestmuziek in mijn hoofd. De verhuurder van mijn piano bracht me in contact met Nico Ravenstein, die arrangeerde voor het Nederlands blazers ensemble. Zijn eerste reactie was: heb je het opgeschreven? Nou nee, dus ik ben het gaan noteren.

Toen ik hem daarna vertelde hoe ik het allemaal wilde hebben en dat ik het zo en zo hoorde, zei hij: nou, als je het allemaal zo goed weet, moet je het maar zelf doen. Hij heeft toen mij geleerd met een compositieprogramma en synthesizers om te gaan. De pianostukjes schreef ik nog wel op met het compositieprogramma, maar toen kon ik symfonische klanken produceren en vergat de piano.

Totdat in 2019 een oude schoolvriendin van het Gymnasium Felisenum opdook, Tonny van den Brink. Zij nam met belangstelling kennis van mijn werk en omdat ze niet onverdienstelijk pianospeelde vroeg ze of ik ooit iets voor piano had gemaakt. Zo werd deze muziek weer tevoorschijn gehaald. Nu bleek, dat ik het nogal amateuristisch had opgeschreven en eigenlijk onleesbaar voor een pianist. Haar pianoleraar Erik Hespe heeft mij toen serieus begeleid naar een professioneel resultaat en zo ontstond Le Voyage A van de muziek vóór mijn vertrek en Le Voyage B na mijn terugkomst.

voor de partituren zie bij Uitgeverij Divertimento